Konekt – “Ook met een verstandelijke beperking hoor je gewoon vol in de maatschappij”

Konekt – “Ook met een verstandelijke beperking hoor je gewoon vol in de maatschappij”

3 Oktober 2018

Konekt – Brake-Out

 

Ondanks een Downsyndroom toch de politiek in: Tane Depuydt (18), op plaats 16 bij Groen in Brugge, geeft het goede voorbeeld. Nodig ook, want uitgesloten worden om je beperking heeft een naam, ableism of validisme. Net als racisme is het een flagrante vorm van discriminatie. Konekt strijdt tegen elke context waarin mensen met een verstandelijke beperking afgezonderd worden en gaat nog een stap verder: “Tegen 2035 worden er geen aparte activiteiten meer georganiseerd voor deze groep, omdat dat helemaal niet nodig is.”

“Meer inclusie bereik je via twee sporen”, zegt algemeen directeur van Konekt vzw Koen Deweer. “Je probeert de samenleving inclusiever te maken. En mensen met een beperking bied je een kans om hun potentieel te ontwikkelen en hun leven richting te geven. We richten ons op jongeren en jongvolwassenen die nood hebben aan leer- en ontwikkelingsondersteuning, maar ook op de samenleving. Daarom is onze aanpak heel breed.”

Waarop zet Konekt dan in om meer inclusie te bereiken? Waar liggen de obstakels?

“Met zware leer- en ontwikkelingsproblemen word je afgezonderd: eerst in het buitengewoon onderwijs, daarna tussen de muren van je dagcentrum, voorziening of beschutte werkplaats. Maar dat creëert net problemen voor mensen en een hoge prijs voor de samenleving. Dat systeem ontmantel je niet zomaar, het wordt politiek afgeschermd.”

“De subsidiebasis zorgt voor een perceptieprobleem.

Profit en non-profit groeien gelukkig naar elkaar toe

in een hybride model die de twee sterktes

samenbrengt”

 

“We gaan er van uit dat zorg voor mensen met een beperking prima georganiseerd is, maar ons model is hopeloos verouderd. Landen die een inhaalbeweging moesten maken, staan veel verder. Tussen 0 en 18 jaar gaat er kostbare tijd verloren.”

“Een van onze projecten heet LetsCo. Het mikt op volwaardig werk in een regulier bedrijf. Via praktijkgerichte opleidingen bereiden we schoolverlaters voor op een job die vaak op hun twaalfde al het label ‘niet in staat om te werken’ kregen. Daarna volgt er een bedrijfsstage. Een autistische jongen kwam zo terecht bij Torfs. In het magazijn bleek hij na een moeilijke start uiteindelijk béter te werken dan de gemiddelde uitzendkracht. 81 procent is een jaar na de opleiding nog steeds aan het werk. Mensen willen er gewoon bij horen, iets betekenen voor een ander en een job doen. Ze merken voor het eerst in hun leven dat ze ergens goed in zijn. Het onderwijs moet dus durven focussen op de sterktes en de talenten en daarop inzetten. Daarnaast moet het arbeidsrecht flexibeler worden. Bedrijven willen die begeleid werkers wel betalen, maar een uitkering kun je niet combineren met een inkomen, ook geen beperkt. Het systeem vandaag houdt daardoor mensen met een beperking klein.”

Het project Brake-Out gaat nog een stuk verder dan inclusie op de werkvloer.

“Toen ik 18 was wist ik nog niet precies wat ik zou doen met mijn leven. Dat is voor veel jongeren zo. Voor wie met een beperking zit, geldt dat evengoed. Maar vaak stroom je dan na verschillende keren je  laatste jaar over te doen rechtstreeks door naar een context waar je afgezonderd wordt met anderen, met wie je op je beperking na helemaal niets deelt. Waar je verzorgd wordt, maar niet groeit en jezelf ontwikkelt. Toch gaat dit over jonge mensen die méér willen dan een dagcentrum of een beschutte werkplaats. Met Brake-Out willen we daarom de zorgstructuren doorbreken.”

“Hier krijg je de kans om je wereld te verruimen

en veerkrachtiger te worden zodat je zelf je leven

toekomstgericht vorm kunt geven”

 

“De leercontext van Brake-Out baseert zich op de Circle of Courage, een begeleidingsmodel dat moed, passie en bezieling helpt ontwikkelen. De insteek is positief: jongeren werken vanuit hun talent, oplossingsgericht en met een waarderende benadering. Waar het reguliere onderwijs (BuSO) nog vaak de focus legt op beperking en wat niet mogelijk is, focust Brake-Out op (veer)kracht. Drie jaar lang gaan we twee dagen in de week aan de slag met schoolverlaters, om hun volle potentieel te ontwikkelen op alle levensdomeinen. De strategie van sommige zorgaanbieders heeft een economische logica. Hun doel is om mensen met een beperking zo lang mogelijk aan hen te binden met een zo all-in mogelijke zorg. Brake-Out werkt net andersom. Je tijd om te ontwikkelen, groeien, netwerk opbouwen en  inclusie in de samenleving is gelimiteerd. Hier krijg je de kans om je wereld te verruimen en veerkrachtiger te worden zodat je zelf je leven toekomstgericht vorm kunt geven.”

Hoe financieren jullie de verschillende projectwerkingen?

“Konekt bestaat eigenlijk uit een sociaal-cultureel, een artistiek en een welzijnsluik. We zijn 5 jaar geleden opgericht uit 9 vzw’s. We worden structureel gesubsidieerd vanuit sociaal-cultureel werk als vormingsinstelling voor bijzondere doelgroepen en als beweging. Platform K – ons artistieke luik dat dansers met een beperking toeleidt naar het reguliere danscircuit – wordt op projectbasis gesubsidieerd binnen het Kunstendecreet. Hopelijk worden we bij de volgende ronde opnieuw structureel erkend. Maar we werken het liefst samen met bedrijven en fondsen: enkel op subsidies rekenen willen we niét.  Bedrijven betalen Konekt vanuit hun CSR-budget voor een stageplaats, omdat het hun eigen medewerkers motiveert en het bedrijfsimago versterkt. Brake-Out is als project erkend onder Welzijn. Het persoonsvolgend budget bepaalt sinds vorig jaar dat mensen met een beperking zelf bepalen hoe ze hun budget besteden – bijvoorbeeld aan een Brake-Out traject.”

Wat kan jullie werking en die van het brede middenveld verbeteren?

“Het nieuwe decreet voor sociaal-cultureel werk is een stap in de goede richting. Je wordt niet meer beoordeeld op het aantal gerealiseerde vormingsuren, wel op impact. Ik vind vooral dat we financieel onze plan moeten kunnen trekken. Een echte win betekenen voor bedrijven, waarvoor ze ook willen betalen.”

“We gaan er van uit dat zorg voor mensen met

een beperking prima georganiseerd is,

maar ons model is hopeloos verouderd”

 

“Daarom vind ik Social impact bonds (SIB) interessant: een contract met profit en overheid op basis van een impactbelofte. Bedrijven financieren je project, de overheid betaalt de investering terug aan het bedrijf. Net het tegenovergestelde van subsidiëren. Juridisch blijft het een complex verhaal. Voor Brake-Out zou het interessant kunnen zijn. Zo’n model zou ook het imagoprobleem van de sociale sector bijstellen. De subsidiebasis zorgt voor een perceptieprobleem. Profit en non-profit groeien gelukkig naar elkaar toe in een hybride model die de twee sterktes samenbrengt – en daar gaat het om.”

Praktische informatie

www.konekt.be

Brake-out

Artikel door Wieland De Hoon

Laden…